Liedteksten : het midden tussen zwaar en licht.

 

Op weg naar nergens

We zijn op weg naar nergens
We weten niet waarheen
Niemand kent de weg daar
We gaan dus maar alleen

We zijn op weg naar nooit meer
We weten niet wanneer
De tijd zal het wel leren
En we gaan niet heen en weer

We zijn op weg naar niemand
We weten niet waarom
Is er een hiernamaals
Of alleen maar ouderdom

We zijn op weg naar nergens
We weten ook niet hoe
We doen gewoon ons best maar
Verder doet het er niet toe

Maar de vraag is denk ik niet
Waarheen, wanneer, waarom of hoe
De vraag is wat je hebt gedaan
Voor je in nergens komt te staan

Dus vraag ook niet hoe je er komt
Want dat weet jij alleen
De rest gaat verder zonder ons
En gaat ook nergens heen

We zijn op weg naar nergens
We weten niet waarheen
Niemand kent de weg daar
We gaan dus maar alleen

We zijn op weg naar nergens
We weten ook niet hoe
We doen gewoon ons best maar
Verder doet het er niet toe

 

Iemand zoals jij

Ik loop verloren door de straten
Langs het gelach uit elk café
Ik heb mijn ziel achtergelaten
Alleen mijn hond loopt met me mee

Ik weet niet waar ik het moet zoeken
Ik voel me klein in onze stad
Ik weet niet wat ik nog zou moeten
Want zonder jou heb ik ’t wel gehad

Als wij niet langer wij zijn
en jij niet meer aan mijn zij
Als je zegt: ik wil weer vrij zijn
want jij en ik zijn niet meer wij

Dan zoek ik toch een ander
maar ik zoek het wel dichtbij
want ik zoek dan
ja ik zoek dan
ik zoek dan iemand zoals jij

Ik had nog zoveel willen zeggen
Maar de woorden heb ik niet
Een pad met rozen voor je leggen
En je bezingen in een lied

Ben ik dan echt zoveel veranderd
Niet meer dezelfde man als toen
Jij wilt niet mij, maar iemand anders
Maar zeg me dan, wat moet ik doen?

Als wij niet langer wij zijn
en jij niet meer aan mijn zij
Als jij dan ergens ver bent
en steeds verder weg van mij

Dan zoek ik toch een ander
maar ik zoek het wel dichtbij
want ik zoek dan
ja ik zoek dan
ik zoek dan iemand zoals jij

ja ik zoek dan
ik zoek dan
iemand zoals jij

 

Duizend liefdes

Ze vult je dagen met gedachten
Je wilt haar ronde vormen zijn
Als wilde paarden zijn de nachten
Die draven naar een diep ravijn
Ze voert je geest met hoger honing
Ze neemt je in haar dromen mee
Je proeft haar ziel, zij is jouw woning
Ze is de deining van de zee
In duizend liefdes diep

Zij is de zin in ieder woord
Ze is de brug naar een nieuw lied
Ze is de klanken die je hoort
Ook als je nergens kleuren ziet
Ze tilt je op met een mineur
Langs alle tertsen klein en groot
Ze laat je landen in majeur
En stuurt je lijf door elke noot
Naar duizend liefdes hoog

En als de dagen die nog komen
Straks langzaamaan te tellen zijn
Wanneer de nachten zonder dromen
Zich spiegelen in het refrein
Als alle plekken waar je speelde
Weer rond gaan draaien in je hoofd
Dan zie je alles wat je deelde
Zij is het die het licht dan dooft
Tot duizend liefdes lang

 

Dit land

Dit is een land van samen bouwen
Land van vingers in de dijk
Land van armen uit de mouwen
Land van modder en van slijk

Land van kerken en moskeeën
Land van iedereen een plek
Land van vechten tegen zeeën
Land van niets is ons te gek

Land van buurthuizen en wijken
Land van doe gezellig mee
Land van burendag en koffie
Land van koekje bij de thee

Dit land is jouw land, mijn land, ons land.
Van het waddeneiland
tot de Atlas bergen,
van de Zwarte Zee
tot Lekkerkerk.
Dit land is van jou en mij.

Land van voetbal en van oorlog
Land van hossen op een boot
Land van bendes en van rotjoch
Land van drugs en van de goot

Land van mot met de politie
Land van kleine crimineel
Land van boetes en justitie
Land van hallo weet ik veel

Land van ambulances pesten
Land van mij krijg je niet klein
Land van tolerantie testen
Land van water bij de wijn

Dit land is jouw land, mijn land, ons land.
Van Amsterdam
tot Istanbul,
Casablanca,
Curacao.
Dit land is van mij en jou.

Land van normen en van waarden
Land van samen voor elkaar
Land van doe toch eens normaal man
Land van hoogstaande moraal

Land van mij, van jou, van ons
Land waarin het grootse klein is
Land dat waard is om te eren
Dit land moet van ons allen zijn

(Met dank aan Woody Guthrie en Huub van der Lubbe)